Davy Kestens, Cake The Banking App
Door Carole Vincke Bedrijven 06-05-2021

“De onzekerheid die met ondernemerschap gepaard gaat, motiveert mij”

In het kader van het Horizon-jaarprogramma van Eneco hebben we het over ondernemerschap. Donderdag 27 mei vertelde Marcia De Wachter, voormalig directrice van de Nationale Bank van België, over de uitdagingen en angsten van een ondernemer. Bekijk hier de opname van het webinar.

Vandaag ontmoeten we Davy Kestens, oprichter van Sparkcentral en mede-oprichter van Cake. Als serie-ondernemer kan hij ons als geen ander inzichten geven in het parcours van een echte ondernemer. Als jongvolwassene ontwikkelde hij met Sparkcentral software om social media conversaties te monitoren voor callcenters en klantendiensten van grote bedrijven. Niet veel later veroverde hij hiermee de Amerikaanse markt. Vanuit Silicon Valley mocht hij de start-upcultuur en het ondernemerschap van de Amerikanen ontdekken. Toch bracht hem dit begin 2017 terug naar België om Cake op te richten. Een bankingapp die de consument meer financiële controle en transparantie belooft. Dat ondernemen geen ‘straight way to success’ is, zal duidelijk worden in zijn verhaal. Het gaat over vallen en opstaan, de rug rechten en doorgaan. Maar niets is mooier als een verhaal zien groeien. We laten Davy zelf aan het woord.

Welkom Davy. Hoe word je nu eigenlijk ondernemer? En voel je je er eentje?

DK: “Ik ben nu 32 jaar. Ik ben al vroeg begonnen met ondernemen omdat ik altijd al ondernemend ben geweest. Toen ik nog geen tien jaar was, probeerde ik al de ‘grasmaai’- beurten bij mijn ouders commercieel uit te buiten. In mijn tienerjaren was ik een freelancer nog voor die term goed en wel bestond. Zo deed ik hier en daar projectjes. Voornamelijk vanuit het oogpunt om bestaande problemen aan te pakken en er iets aan te doen of er een oplossing voor te verzinnen. Vanuit de éne oplossing kwam dan de andere situatie. En bijgevolg kreeg je heel snel een veelomvattend project. Ik vond het telkens heel uitdagend om dit te zien groeien. Hiervoor moest ik natuurlijk zelf veel vrijheid creëren om dit te gaan realiseren.”

“Daarom besloot ik om mijn verdere studies in Kortrijk te doen. Dat was zowat het verste waar ik als Limburger op kot kon gaan. Het plan: als ik op kot ga, heb ik er alle tijd en vrijheid om mijn eigen ding te doen en niet mezelf te hoeven verantwoorden. Het gevolg was dat op kot zitten echt letterlijk op kot zitten werd. Ik ben zelden of nooit naar de hogeschool gegaan. Echt veel in de les ben ik dus niet geweest. Mijn doelstelling was om met al die projectjes een bedrijfje op te bouwen dat me een regelmatig inkomen zou garanderen. Het was ook rond die tijd dat er een heuse hype was rond de vier-uren-werkweek. En dat was net wat ik wou (lacht). Helaas heb ik dat doel nooit gehaald, want ik ging van het ene naar het andere project. Die werden ook steeds groter en volgden elkaar telkens sneller op.”

“Het was uiteindelijk 2011-2012 wanneer ik een prototype klaar had dat klantendiensten in staat stelde om hun volledige social media aanwezigheid te gaan professionaliseren en organiseren. En ineens was daar ook de eerste grote klant: Volkswagen. Dan moet je als ondernemer je oplossing gaan pitchen en netwerken. Opnieuw een grote stap. Maar dat was eigenlijk pas het begin. Tijdens het netwerken ontmoette ik iemand die zei dat hij me kon introduceren in Amerika. En zo gebeurde het: ik boekte een ticketje naar San Francisco om het daar ‘eens over mijn projectje te gaan hebben’. Mijn moeder vond dat allemaal wel wat ongeloofwaardig. Een willekeurige man aan de andere kant van de wereld ontmoeten op mijn 23ste … Toch deed ik het. Die man vond het wel interessant om in mijn verhaal mee te stappen. En zo hebben we Sparkcentral in de VS opgericht. Op zijn piek hadden we meer dan 60 medewerkers en klanten zoals Delta Air Lines, Western Union, Uber en Emirates.”

“Zeven jaar later, ondertussen al drie jaar geleden, verhuisde ik terug naar België. Het hielp wel dat mijn visum net afgelopen was (lacht). En ik was toe aan iets compleet nieuws. Ik was en ben te jong om helemaal niets te doen, of ergens bestuurder of consultant te worden. Dus hebben we Cake opgericht.”

“We zijn nu een drietal jaar later en met Cake gaat het hard. We zijn ondertussen met 25 en nog op zoek naar extra medewerkers. Hoewel we heel vroeg zijn in de markt, geeft het een goed gevoel om iets totaal nieuws te doen binnen een conservatieve sector als de financiële markt. Een markt die lange tijd weinig innovatie heeft gekend.”

Hoe gaat een jonkie om met het pitchen van zijn product aan de grote jongens?

DK: “De eerste klant, Volkswagen, was eigenlijk heel gemakkelijk. Het marketingbureau had zich gewoon ingeschreven voor een account via onze website. En zo is de bal aan het rollen gegaan. Veel meer intimiderend was natuurlijk het Amerikaanse avontuur. We hadden een product dat zich nog niet had bewezen. Bovendien moesten we een team uitbouwen in een markt die ik niet kende en een cultuur die ik nog niet begreep. In de VS is natuurlijk alles ‘stunning and amazing’. Dat bleek toch niet evident: we hebben heel veel moeite moeten doen om die eerste klant binnen te halen. Bijna een jaar hebben we zonder inkomsten gezeten. Elke dag weer probeerden we om binnen te geraken bij de juiste bedrijven en bij de juiste mensen. Een paar maanden voordat we dan echt kopje onder zouden gaan, haalden we Delta Air Lines binnen. Met een product dat nog niet af was en drie maanden later operationeel moest zijn. Daartegen was Volkswagen een walk in the park.”

Hoe ga je om met die onzekerheid?

DK: ”Ja, ik denk dat onzekerheid wel eigen is aan de hele gedachtegang van een start-up. Er gaat in eerste instantie veel meer geld buiten dan er überhaupt binnenkomt. Er is ook een groot verschil met een gewoon ‘startend’ bedrijf en een echte ‘start-up’. Met een startend bedrijf groei je aan een gestaag tempo mee met je klanten. Bij de start-up draai je vanaf de eerste dag quasi honderden duizenden euro’s negatief tot zelfs miljoenen negatief om daarna exponentiële waarde te gaan opbouwen. Die verwachte groeispurt moet dan de eerdere schade bij wijze van spreken gaan inhalen.”

“Maar het spreekt vanzelf dat flirten met het cijfer nul op je bankrekening stress met zich meebrengt. Tegelijkertijd motiveert mij dat ook. Ik denk dat veel mensen iets vergelijkbaars hebben met deadlines. Druk op de ketel motiveert me meer dan het mij stress geeft.”

Bestaat er wel zoiets als een ondernemersklimaat in België? Wat is het verschil tussen Amerika en België? Waar doen we het slechter en waar doen we het beter?

DK: “Ik vind dat moeilijk om daarop te antwoorden. Volgens mij geldt voor Europa in het algemeen dat het project bijna halfweg moet zijn vooraleer mensen een risico willen nemen. In Amerika is er interesse vanaf het moment dat er tekenen of signalen zijn van ‘hé, dat kan hier wel interessant zijn.’ Dan willen mensen direct ondersteunen en gaan. Ja, ik ben eerlijk als ik zeg: moesten we vandaag met Cake in de VS zitten, hadden we daar al meer dan 50 miljoen euro aan kapitaal opgehaald. We merken hier dat er veel meer concreets en proof points worden gevraagd alvorens er interesse is. Dan zijn de risico’s natuurlijk kleiner.”

“Wat ik dan wel apprecieer in Europa, is de keerzijde van die munt. Hier wordt veel sneller werk gemaakt van een effectief en rendabel businessmodel. Je ziet het vaak in Amerika dat er investeringen worden gedaan in ideeën en concepten die eigenlijk quatsch zijn. Dus tegenover het feit dat in Amerika veel wordt geprobeerd en dus met veel geld wordt gestrooid, zijn we in Europa veel voorzichtiger en meer onderbouwd. We hebben in Europa veel minder start-ups die miljardenbedrijven worden, gewoon omdat ze met een andere mindset gecreëerd worden.”

Is het dan beter als ondernemer in België of in de States?

DK: “Moeilijk te zeggen. Het is een beetje zoals een kunstenaarsbeweging. In het begin verplaatst iedereen zich naar de ‘place to be’ en nadien wordt het zo een beetje gemeengoed. Silicon Valley was het nieuwe centrum van de wereld rondom digitale technologie, innovatie, enzovoort. En dus iedereen ging in één keer naar daar, mezelf inbegrepen. Daardoor wordt er natuurlijk automatisch heel veel talent aangetrokken. Elke stad ter wereld probeert nu zijn eigen Valley na te bootsen. Dat maakt dat talenten nu overal beschikbaar zijn. Een beetje zuur natuurlijk voor Silicon Valley, want het heeft zich wel opgewerkt tot een dure regio. Het significante voordeel van locatie wordt zo verwaterd. En dan hebben we natuurlijk niet gesproken over de fenomenale opkomst van het remote werken. Talent is nu werkelijk overal beschikbaar. Je kon in de Valley inderdaad drie à vier keer meer kapitaal ophalen, maar het kostte je ook drie of vier keer zoveel om je business daar te runnen.”

“Ik denk dat mensen voornamelijk willen werken aan iets wat betekenis heeft, waar ze voldoening uit halen. En dat in combinatie met dagdagelijkse behoeftes als financiële levensstijl, comfort, work-life balance, enzovoort.”

“We houden wel rekening met het praktische. Zo werken we bij Cake met mensen uit dezelfde tijdzone. We hebben geen fysieke kantoren. Natuurlijk zijn er medewerkers die wel eens graag ergens op een kantoor zitten. Zij gaan dan naar een coworking space. We hoeven niet noodzakelijk fysiek bij elkaar te zitten om te kunnen functioneren. Je moet voornamelijk zorgen voor op-en-top transparantie. Zowel extern als intern. Iedereen binnen ons bedrijf weet wat er op de rekeningen staan. Iedereen weet te allen tijde wat we aan het doen zijn. Er wordt openlijk elke twee weken over gerapporteerd en gebabbeld. Natuurlijk zijn we nog een kleine groep en is het nemen van ownership bij ons iets evidenter. Maar we werken er ook elke dag aan.”

“Aan iets werken dat impact heeft, heeft ook impact op onszelf. Dat miste ik op den duur bij Sparkcentral: een doel om impact te maken. Klantendienstsoftware zit diep verborgen in de processen van een organisatie. Je kan er je efficiëntie met enkele procentpunten gaan verbeteren, maar dat is het dan ook. Het is tof, maar daar babbel je aan de keukentafel met je gezin niet over. Ik weet nog goed toen we Netflix binnenhaalden als klant. De dag van de onboarding waren we op het hoofdkantoor in Redmond. De serie House of Cards was net gelanceerd en dat kon je voelen in heel het bedrijf. Excitement. Heel dat bedrijf stond in rep en roer. Iedereen was er enthousiast over aan het babbelen. Dat was heel cool om te zien. Juist omdat deze medewerkers hetzelfde enthousiasme gaan overbrengen aan hun vrienden en familie.”

“We hebben bij Cake een hele grote groep van gebruikers, echte fans. Die zijn op sociale media en forums voortdurend over ons bezig. Die zijn tegen vrienden, familie daarover bezig en wij moeten dus quasi geen reclame maken. Dat gaat vanzelf en dat is top. Onze medewerkers ervaren hetzelfde: zij worden bijvoorbeeld aangesproken op de trein omdat er een Cake-sticker op hun laptop plakt. Dat motiveert mensen natuurlijk: ik ben met iets bezig waar anderen enthousiast over zijn, waar ze om geven.”

Wat zijn je voornaamste leermomenten?

DK: “Mijn grootste fout… Ik heb me in Amerika kapot gewerkt. Dat is een beetje organisch gegroeid. Altijd als ik ergens te veel mee bezig was, dan had ik iemand in dienst om dat over te nemen. Maar dat bedrijf bleef groeien. Alleen had ik geen ervaring om bedrijven te laten groeien. Ik heb veel te veel verkeerde mensen om de verkeerde redenen gepromoveerd, omdat ik zelf niet zo met politiek en de organisatie bezig was. Velen van hen waren goed in hun job, maar hadden totaal geen leiderschapskwaliteiten. Als er dan uiteindelijk iets van een boot viel of operationeel iets mis ging, dan pakte ik dat op mij. Dan probeerde ik dat op te lossen. Zodoende ging ik van stresssituatie naar stresssituatie.”

“Dat heb ik nu bij Cake veranderd: we zijn met zes sterke stichters, maar ik heb hier quasi geen operationele rol. Ik houd me bezig met de strategische langetermijnplannen, de investor relations, de PR en ik ben een beetje het uithangbord. Ik heb geen idee hoe onze marketing op dagelijkse basis eruit ziet, welk blog post er volgende week uitkomt of welke feature nu waar exact in ontwikkeling zit. Geen flauw idee. Ik weet dat dit goed wordt beheerd en dat is goed zo. Ik ben veel meer bezig met het bouwen van de machine, dan puur het willen runnen. Dat is toch de belangrijkste les die ik heb meegenomen uit het Amerikaanse avontuur.”

“Mensen die zelf een bedrijf starten, zijn niet noodzakelijk dezelfde mensen die een bedrijf goed operationeel managen. Bij ons ligt dit zelfs in onze bedrijfswaarden gegoten. Iedereen zegt altijd bij de vraag ‘hoe gaat het?’: Ik heb het “druk druk druk”. Dat is echt verkeerd en betekent dat je met de verkeerde zaken bezig bent.”

Hoe hou je eigenlijk, in tijden van Corona en het verplichte thuiswerken, toch de verbinding met alleen collega’s onder elkaar? Dat is toch niet evident?

DK: “Corona heeft impact op iedereen. Ook ikzelf ben het eigenlijk kotsbeu. Daar kunnen wij als bedrijf vrij weinig aan doen. En ja, je kunt wel zo van die van die halve psychologische sessies organiseren, maar uiteindelijk is het gewoon een maatschappelijk gegeven. Maar we proberen er wel mee om te gaan. Zo hebben we bijvoorbeeld een broertje dood aan interne e-mails. We gaan echt voor directe communicatie: stuur een chatbericht naar je collega’s, bel hem of haar op. Wees actief en niet passief. We maken gebruik van een real-time communicatie- en samenwerkingstool waarin alle berichten per thema of kanaal verzameld worden. Alles wordt getrackt, je kunt analyseren, er wordt veel meer meegelezen, gedocumenteerd en feedback gegeven dan met eender welke tool dan ook. Zo is iedereen mee met wat er gebeurt.”

“We doen ook zaken om de mensen dichter bij elkaar te brengen. Zo beginnen de teams elke ochtend met een videocall stand-up. Sommige van onze programmeurs hebben gewoon een standaard zoom call openstaan om continu in verbinding te blijven met de collega’s. Wil je iets vragen of weten, dan kan dat in die call. Gebeurt er niks? Ook goed. Elke twee weken doen wij een bi-weekly. Dat is een meeting waarop het ganse team binnen belt en daar wordt dan heel transparant gecommuniceerd. Hoeveel geld staat er op de rekening, wat zijn we aan het doen, hoeveel gebruikers zijn erbij en vanwaar komt die groei, wat is de voornaamste feedback die we ontvingen de voorbije weken, enzoverder. Het is niet omdat we geen kantoor hebben, dat we niet kunnen verbinden.”

Dit artikel maakt deel uit van de Horizon-sessies. Op zoek naar meer inspiratie over het thema ondernemerschap? Donderdag 27 mei vertelde Marcia De Wachter, voormalig directrice van de Nationale Bank van België, over de uitdagingen en angsten van een ondernemer. Bekijk hier de opname van het webinar.